ok2024menu



Zeven concerten ‘Rondom Bach’ Friese Orgelkrant 2024
 

Nu een onder auspiciën van Historische Vereniging Aed Levwerd drie jaar lopende serie orgelconcerten is afgerond waarin uitsluitend muziek van Johann Sebastian Bach geklonken heeft, speelt stadsorganist Theo Jellema in 2024 een reeks van zeven concerten waarin Bach en zijn muzikale omgeving centraal staan.

Doordat de kwaliteit van het werk van Johann Sebastian Bach zo hoog is, horen we vaak enkel zíjn muziek.
Maar uiteraard had hij een muzikale omgeving. Hij had heel veel componerende familieleden en uiteraard had hij leerlingen (die zelf ook weer leerlingen hadden). En dan waren er ook mensen van wie hijzelf direct of indirect geleerd had. Hoven en kerken in Thüringen en Saksen hadden musici in dienst. Er was voortdurend behoefte aan nieuwe muziek. Dát is de culturele context waarin de composities waarnaar we nu nog luisteren ontstond.

Rode draad van deze serie van zeven concerten zijn zes orgelsonates van Carl Philipp Emanuel Bach, de tweede zoon van Johann Sebastian Bach, een grote beroemdheid in zijn dagen, die met zijn faam zijn vader overvleugelde. Deze zes orgelsonates werden geschreven voor prinses Amalia van Pruisen, die ze op haar luxueuze tweeklaviers orgel zelf kon spelen. De stijl is modern, pre-klassiek; Johann Sebastian lijkt heel ver weg.

Elk van de zeven concerten belicht ook een andere componist uit Bachs omgeving.
In het eerste concert is dat Wilhelm Friedemann, de oudste zoon van Johann Sebastian. Hij slaagde er veel minder goed in dan zijn jongere broer om zich los te maken van zijn vader en een eigen stijl te vinden. Maar in sommige composities bereikt hij een heel hoog niveau. De vier fuga’s die op het openingsconcert klinken, óók gecomponeerd voor Amalia van Pruisen, zijn er voorbeelden van.

Het tweede concert biedt ruimte aan een favoriete leerling van Johann Sebastian Bach, Johann Ludwig Krebs. In zijn grote werken is hij een epigoon, die het niveau van zijn voorbeeld niet bereikt. Op het kleine orgel van Jelsum wordt de schijnwerper natuurlijk gericht op zijn kortere werken, die een heel eigen charme hebben.

Op het derde concert, in Wirdum, klinken een paar Fantasieën van Georg Philipp Telemann. Hij en Johann Sebastian waren goed bevriend. Telemann was peetvader van Bachs tweede zoon; beide dragen daarom ook dezelfde tweede voornaam.

Op Concert IV in Koarnjum wordt de schilderachtige Biblische Sonate over David en Goliath van Johann Kuhnau gespeeld. Kuhnau was Bachs voorganger in het ambt van Thomascantor in Leipzig. Kuhnau overleed in 1722. Bach trad daar in 1723 aan.

In het concert in Jorwerd is plaats ingeruimd voor Johann Pachelbel. Hij heeft lang in Erfurt gewerkt en was daarmee een centrale figuur in het Thüringse muziekleven. Johann Sebastian woonde, jong wees geworden, een paar jaar bij zijn oudste broer, die ook musicus was en leerling van Pachelbel.

Friedrich Wilhelm Marpurg, ‘co-starring’ in het zesde concert, schreef een theorieboek over het componeren van fuga’s, waarin Johann Sebastian nog een beetje over de schouder meekijkt. In zijn eigen composities is meer invloed van Carl Philipp Emanuel te beluisteren, aan wie hij dan ook sommige van zijn werken opdroeg.

In het slotconcert staan composities van Johann Christian Kittel op de lessenaar. Kittel had als jonge man enig onderricht van Bach genoten en bleef daar zijn leven lang aan refereren, ofschoon zijn stijl maar weinig Bach-invloed verraadt.

De zeven concerten beginnen en eindigen met werken uit Bachs Wohltemperierete Klavier. De grote meester zelf mag niet ontbreken!

THEO JELLEMA


stuur link via whatsapp stuur link via mail kopieer link naar clipboard